Blogger Leon: 4 tips om zelf de regie te nemen

Zelf de regie pakken in je behandeling, hoe doe je dat? Blogger Leon weet als geen ander hoe lastig het is, maar moedigt toch iedereen aan om actief mee te denken over zijn of haar eigen proces en voortgang. Leon deelt zijn tips.

 

Fotograaf Jan Mulders

Het begrip ‘eigen regie’ is een hot topic in de zorg. Het idee erachter is dat mensen worden aangemoedigd om mee te denken over hun behandelplan, medicatiegebruik en zorgbehoefte. Zo staan alle neuzen dezelfde kant op en wordt de persoon in kwestie ‘eigenaar’ van zijn of haar eigen behandeling.

 

In theorie is dit een bewonderenswaardig streven en wat mij betreft een heel goed initiatief. De praktijk is echter een stuk weerbarstiger. Want hoe pak je de eigen regie als je continu in gesprek bent met specialisten die veel meer kennis hebben dan jij? En die vaak ook nog eens jarenlange ervaring hebben?

 

Toch is het goed mogelijk om wél de eigen regie te pakken over je revalidatieproces en later ook zeker over welke prothese je krijgt! Uiteindelijk ben jij namelijk de enige die echt goed kan beoordelen wat wel of niet voor je werkt en waar je het meeste bij geholpen bent. Hieronder een aantal tips!

 

1. Doe zelf onderzoek

 

Toen ik mijn beide onderbenen kwijtraakte kwam ik in een situatie terecht die ik nooit had voorzien. Ik werd opeens geconfronteerd met dingen waar ik helemaal geen verstand van had. Tel daar nog eens de emotie bij op van het onwijs grote trauma dat je meemaakt en je hebt al snel behoefte aan zekerheden.

 

Zoeken naar zekerheid is een zeer menselijke reactie, die er meestal toe leidt dat je – heel logisch en terecht – in het begin vooral leunt op de expertise van de mensen om je heen. Daar is natuurlijk helemaal niks mis mee.

 

Toch zou ik je adviseren om zo snel mogelijk zoveel mogelijk te onderzoeken. Welke soorten prothesen bestaan er? Hoe zit het met de verschillende systemen om je prothese aan je been of arm te bevestigen? Wat zijn de verschillen en wat past bij mij, nu en misschien in de toekomst?

 

Door er wat dieper in te duiken kom je veel te weten over de mogelijkheden op dit vlak. Dat betekent niet dat je je blind moet staren op de allernieuwste ontwikkelingen (die vaak nog niet eens beschikbaar zijn), maar het is wel goed om verschillende mogelijkheden te leren kennen en actief onderzoek te doen.

 

Dit kan ook prima via social media! Via Instagram (@leonemmen) stel ik bijvoorbeeld zelf regelmatig vragen aan andere prothesegebruikers en stellen zij ook vragen aan mij. Daar leer ik weer van. Het geeft mij input om te ontdekken wat het beste bij mij past!

 

2. Wees niet bang om vragen te stellen

 

Dit spreekt redelijk voor zich. Toch kan het zijn dat je geïntimideerd bent door bijvoorbeeld je prothesemaker of je behandelend arts en de stelligheid waarmee zij beweren dat zij weten wat goed voor je is.

 

Een goede vuistregel om aan vast te houden is het zogenaamde ‘vijf keer waarom’-principe vanuit de Lean Six Sigma-managementmethode. In feite houdt het in dat je altijd vijf keer ‘waarom?’ moet vragen om tot de kern van een probleem of een beslissing te komen.

 

Lees ook: 4 slimme vragen om te stellen aan je instrumentmaker

 

Als je arts of prothesemaker niet duidelijk kan uitleggen waarom een bepaalde beslissing genomen wordt, mag je je afvragen of het in dit geval wel een beslissing is die goed is afgestemd op jouw persoonlijke behoefte. Wees dus niet bang om door te vragen! Uiteindelijk, als je er samen niet uit komt of als je er zelf geen vertrouwen meer in hebt, moet je dus ook niet bang zijn om een second opinion aan te vragen. Leer jezelf aan om je niet langer als patiënt maar als klant te zien!

 

3. Leer je materiaal kennen

 

Prothesevoet SACH+ van OttobockTijdens de Ottobock Running Clinic in Berlijn werd dit mij voor het eerst heel erg duidelijk gemaakt door Heinrich Popow, oud-Paralympisch kampioen verspringen. De protheseknie van een van de deelnemers bleek niet goed vast te zitten. Toen Heinrich daarachter kwam, riep hij alle deelnemers bij elkaar. Zijn boodschap: al is je prothese niet hetzelfde als je echte been en kan je er niks in voelen, toch moet je je prothese dusdanig goed leren kennen dat je zelf kan vaststellen waar het probleem zit.

 

Je prothese vervangt je been (of in mijn geval benen), dus het is het belangrijk dat je precies weet wat er goed of fout zit. Anders kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan! Van een knie die niet goed vast zit, waardoor je kunt vallen, tot een verkeerde uitlijning van je voet, wat voor wondjes zorgt: doe je best om je materiaal zo goed te leren kennen dat je zelf weet wat er moet gebeuren.

 

Zo voel ik inmiddels prima aan dat mijn voet niet lekker zit. Dat maakt het gesprek met mijn prothesemaker een stuk makkelijker. ‘Mijn been zit niet goed’ is voor hem niet heel duidelijk. ‘Volgens mij moet mijn teen een halfje omhoog, want ik wikkel niet goed af naar mijn voorvoet,’ is al een stuk duidelijker. Dit vergemakkelijkt het oplossen van je probleem.

 

4. Wees eerlijk en realistisch tegen jezelf

 

Dit ligt heel erg voor de hand maar is naar mijn mening wel heel belangrijk: wees eerlijk over wat je nog kan of zou kunnen en willen en wees daarin ook realistisch. Eigen regie is ook het leren accepteren van je eigen beperkingen. Als je vijftig bent, nooit veel hebt gesport en ruim teveel kilo’s met je meedraagt, is een marathon lopen op blades misschien niet iets waar je naar moet streven op de korte termijn. Misschien is het logischer om kleine stapjes de juiste kant op te zetten, zoals bijvoorbeeld pijnvrij boodschappen doen zonder hulpmiddelen.

 

Het stellen van kleine doelstellingen is echter niet voor iedereen makkelijk. Een natuurlijke reactie na het verliezen van een been of ander ledemaat is namelijk om of heel erg te blijven hangen in je beperking (het gevoel dat je toch niets meer kan) of de andere kant op door te slaan en vooral heel erg aan de wereld te willen bewijzen dat je alles kan en misschien wel meer dan vroeger.

 

Van dat laatste had ik zelf veel last en zie ik ook bij veel nieuw-geamputeerden om mij heen. Zoals wel vaker ligt de waarheid ergens in het midden. Een genuanceerd en gebalanceerd toekomstbeeld is uiteindelijk ook veel meer waard in het contact met je behandelaars, omdat je dan samen realistische doelen kunt gaan nastreven.

 

Let’s face it: meestal is een amputatie niet iets waar je voor gekozen hebt. Of het is een keuze in de hoop dat je zonder ledemaat minder pijn ervaart of beter kan functioneren. Dit betekent dat je belandt in een wereld waar je waarschijnlijk liever niet in terecht was gekomen.

 

Ik kan niet voor anderen spreken, maar ondanks dat mijn amputatie mij veel moois heeft gebracht en me veel geleerd heeft over mijzelf, had ik liever gewoon mijn eigen benen nog gehad. Bij sommige mensen wakkert dat een soort afkeer-mechanisme aan. Die willen er niets mee te maken hebben, vinden het lastig te accepteren en willen varen op de expertise van de behandelaars.

 

Bij een andere groep, waaronder ikzelf, ontstaat er een soort nieuwsgierigheid: die benen gaan helaas nooit meer aangroeien, maar dan is het mijn verantwoordelijkheid om er voor te zorgen dat ik toch zoveel mogelijk kan met prothesen en dat ik ontdek wat er bij mij past en wat mijn limiet is.

 

Beide reacties zijn menselijk en begrijpelijk. Ik ben er zelf alleen wel volledig van overtuigd dat nieuwsgierigheid je uiteindelijk heel erg kan helpen in het verwezenlijken van je doelen.

 

Jouw persoonlijke doel dichterbij

 

Het gaat je zeker helpen om met veel kennis en een open blik het gesprek aan te gaan met je behandelaars, zoals bijvoorbeeld je arts of prothesemaker, en op die manier de regie te nemen in je eigen proces en voortgang. Of jouw doel nu is om Paralympisch kampioen verspringen te worden of om weer eens zonder hulpmiddel een wandelingetje van vijf minuten te maken: hoe meer betrokken je bent en hoe meer je zelf weet, hoe dichterbij dat doel komt!

[Totaal: 9   Gemiddelde:  3.1/5]

Geef een reactie

acht − 6 =