Karin revalideert na een armamputatie: ‘Deze verplichte kost levert ook veel vrienden op’

Hoe voel je je weer prettig in je lijf na een amputatie? Hoe ga je om met alle aanpassingen en beperkingen? En hoe werkt revalidatie? Blogger Karin (46) krijgt energie van andere mensen. Geluk bij een ongeluk dat ze na haar armamputatie in groepsrevalidatie belandde.

 

revalidatieVoor wie het niet weet: in 2014 kreeg ik een ongeluk op mijn werk. Dat had een vervelend staartje: ik kreeg dystrofie (CRPS). Dat is een complex regionaal pijnsyndroom, in mijn linkerpols, -onderarm en -hand. Er volgden bezoeken aan ziekenhuizen, ik deed bijna alle therapieën die maar mogelijk waren, ik zag ruim twintig artsen en minstens zoveel therapeuten. Maar de pijn werd steeds heviger. En daarom liet ik uiteindelijk een deel van mijn onderarm in 2018 amputeren.

 

Verschrikkelijke spierspasmes

Na de operatie was er echter een reële kans dat de CRPS zich verplaatst had. Ik zocht naar een acceptabel pijnniveau. Vooral de spierspasmes waren verschrikkelijk. Met behulp van pijnbestrijdingsartsen kregen we er een balans in. De volgende stap was: het weer durven gebruiken van mijn arm die al vier jaar onbruikbaar was.

 

Vertrouwde omgeving

Ik belandde hiervoor in revalidatiecentrum Rijndam van het Erasmus MC. Voor mij een vertrouwde plek, want alle mensen die vóór de operatie betrokken waren, waren ook degenen die mij na de amputatie begeleiden. Ik moest met mijn pijnlijke stomp aan de slag en daarnaast werd bewegen belangrijk: niet alleen met mijn arm, maar ook met de rest van mijn lijf. Ik mis toch merkbaar gewicht, waardoor ik uit balans ben en het functioneren van mijn schouder moeizamer gaat. Ongemerkt compenseer ik dat. Het is een must om zo ‘normaal’ mogelijk te bewegen. Daarom heb ik een fitnesschema op maat en train ik sindsdien twee keer in de week met een groep mee. De fitnessgroep bestaat uit mensen met verschillende beperkingen. Een praatje maken is voor mij geen probleem, dus dat doe ik vanaf het begin met iedereen.

 

Lotgenoten

Armamputaties zijn bijna altijd in de minderheid. Op een of andere manier komt het minder vaak voor. Dus als ik iemand tref met een armamputatie, is dat gelijk bijzonder. In de groep zit een man van een jaar of 35 met een tegenovergestelde missende onderarm, die hij ook bij een bedrijfsongeval is kwijtgeraakt. Het schept een band. We tennissen, gooien een bal over en maken samen lolletjes. Hij komt uit Roemenië en we communiceren in steenkolen Engels, aangevuld met een gebarentaal waarvoor we onze ene arm en voeten gebruiken;  een gebarentaal die wij voor de gelegenheid hebben ontwikkeld.

 

Grote meerwaarde

Revalideren is verplichte kost, maar levert veel vrienden op. Met een hele diverse groep mensen vormen we een vaste kern. Onder wie een moeder met een halfzijdig verlamde zoon, een dame met twee getransplanteerde handen, een jongen met MS. Als een van de laatsten kwam er een man bij van mijn leeftijd, uit dezelfde stad, die ook nog eens dezelfde arm mist, die hij óók verloren is bij een bedrijfsongeval. Omdat hij een stuk korter geleden zijn arm is kwijtgeraakt, kunnen mijn Roemeense vriend en ik hem daarmee op weg helpen. Ik heb een hekel aan trainen, maar met deze groep verandert revalidatie in een gezellig uitje. We kijken om naar elkaar en het praat met elkaar makkelijker dan met een therapeut. Voor mij is deze groep van grote meerwaarde bij mijn herstel.

 

Nu de revalidatiebijeenkomsten niet doorgaan vanwege de coronamaatregelen, en ook onze geplande borrel is afgelast, appen we met elkaar. Nooit gedacht dat ik dit zou zeggen: ik heb zin om weer te gaan trainen!

[Totaal: 1   Gemiddelde:  5/5]

Geef een reactie

drie × een =